Aanvaarden van de ziekte

Sinds ik colitis heb, ben ik vaker en sneller moe. Ik probeer zo weinig mogelijk dingen te laten, maar ik moet doseren.

Als ik bijvoorbeeld naar een feestje ga, laat ik op voorhand weten: “We doen ons uiterste best om te komen, maar we blijven misschien niet zo lang.” Mijn vrienden snappen dat.

Zelf je leven bepalen

Er open over praten moest ik wel leren. Dat lukte pas toen ik kon toegeven aan mezelf dat ik ziek ben. Daarvoor had ik blijkbaar nog een extra chronische ziekte nodig: fybromyalgie. Ik had toen twee opties: m’n ziektes mijn leven laten bepalen, of zelf mijn leven bepalen. Ik heb voor het laatste gekozen.

Ik heb na 11 jaar colitis geleerd om positief te denken. Vroeger lukte dat moeilijker. Het verwondert me vaak hoe druk mensen zich kunnen maken over een kleinigheid. Dat gaat soms over dingen waar ik me vroeger zelf ook over opwond. Mijn ziekte leerde me te relativeren en andere prioriteiten te stellen. Vroeger wilde ik dat mijn kinderen een goede job zouden vinden, nu vind ik het vooral belangrijk dat ze gelukkig zijn.

Sterker als mens

Mijn colitis heeft me sterker gemaakt als mens. Toen ik onlangs op controle ging bij de specialist die mij al elf jaar opvolgt, zei hij: “Jij bent veel veranderd. Je bent veel rustiger geworden.” Ik was echt verbaasd dat hij dat had opgemerkt. Ik zie dat als een mooi compliment. Mijn man is het daar niet volledig mee eens. Hij vindt me nog steeds vaak gespannen. Ik heb natuurlijk nog wel stress, maar ik ben al blij dat ik me geen zorgen meer maak om pietluttigheden. Dat kan er niet meer bij. Stress slaat bij mij ook meteen op m’n darmen. Dat heb ik vorige zomer gemerkt, ik maakte me toen veel zorgen om mijn man. Hij had ernstige bloedingen na een operatie en moest opnieuw opgenomen worden. Gelukkig met goede afloop.

 

Deel deze pagina

Daisy over ...


Nancy heeft colitis ulcerosa.