Wat is colitis?

Colitis ulcerosa is een chronische ontsteking in de dikke darm. Net als de ziekte van Crohn, valt colitis ulcerosa onder de inflammatoire darmziekten. ‘Inflammatoir’ betekent ‘ontstoken’.

Colitis ulcerosa zorgt voor klachten zoals diarree, buikpijn en bloed bij de ontlasting.

Ontstaan

Hoe colitis ulcerosa precies ontstaat, is nog niet helemaal duidelijk. Vaak spelen genetische factoren, de omgeving, het immuunsysteem en de darmflora een rol.

In de meeste gevallen krijgen mensen de ziekte tussen 15 en 30 jaar.

Chronische darmontsteking

Bij colitis ulcerosa begint de ontsteking meestal in de endeldarm. Dat is het laatste deel van de dikke darm. Het slijmvlies aan de binnenkant van de darm ontsteekt, waardoor zweren ontstaan. Die zweren veroorzaken de klachten.

Verschil met de ziekte van Crohn

Net als de ziekte van Crohn, is colitis ulcerosa een inflammatoire darmziekte. Patiënten hebben vaak identieke klachten: buikpijn en diarree. Bloed in de stoelgang is eerder iets waar mensen met colitis ulcerosa last van hebben.

Het verschil zit in de plaats waar de ziekte zich voordoet. Bij colitis ulcerosa zijn de ontstekingen aaneengesloten en komen ze enkel in het rectum en een stuk van de dikke darm voor. Bij Crohn wisselen gezonde en ontstoken delen elkaar af en is het hele spijsverteringskanaal gevoelig voor ontstekingen.

Rol van de dikke darm bij spijsvertering

De spijsvertering zorgt ervoor dat het lichaam de nodige stoffen opneemt. Dat hele proces begint wanneer je in iets bijt. De tanden en tong malen het voedsel fijn en door te slikken komt de voeding, via de slokdarm, in de maag terecht. Daarin breken de maagzuren en enzymen het voedsel af.

Het voedsel verteert, wordt een vloeibare substantie en komt zo in de dunne darm terecht. Dat deel van de darmen neemt de meeste voedingsstoffen op. De alvleesklier, lever en gal helpen hierbij. De bloedstromen in de darmen brengen de voedingsstoffen naar de rest van het lichaam.

Wat je lichaam niet kan gebruiken, komt terecht in de dikke darm. Dit laatste stuk darm neemt het vocht op, waardoor enkel een vaste substantie overblijft. Via de ontlasting verlaten de overgebleven, onnodige stoffen het lichaam.

Opstoten en remissies

Periodes zonder klachten (remissies) wisselen af met opstoten. Opstoten zijn periodes waarin de intensiteit van de symptomen plots toeneemt.

Ook de duur van opstoten en remissies varieert per persoon. Sommige patiënten ervaren meerdere opstoten per jaar, terwijl anderen jarenlang geen problemen hebben.